Gokkasten Archief Verhalen

Lees de Boeiendste verhalen uit Nederlandse Gok Geschiedenis

Willem Hogervorst

Biografie Pim (Willem) Hogervorst, Haagse Automaten Fabriek

Stukje uit Automaten Magazine November 2001

Hogervorst: van bumperspel naar Nijpels-automaat. ‘In onze hallen stonden geen fruitautomaten’

Het was nog voor dat de flippers het levenslicht zagen. Toen waren er op kermissen en in speeltuinen al zelfgemaakte voorlopers van de flipperautomaat te zien. Ze waren gemaakt door Willem Hogervorst, een man met twee rechterhanden en een creatief brein.

‘Zo terugkijkend denk ik wel eens: die ouwe heeft wel heel wat afgesjouwd.’ Dat zijn de woorden van de huidige directeur/ eigenaar van de Haagse Automaten Fabriek W. Hogervorst BV, Willem Hogervorst junior.

Ja, het is officieel Willem, maar iedereen noemt me Pim, altijd zo geweest’, vertelt hij. Net als zijn vader is Pim gezegend met twee rechterhanden. Ook hij fabriceerde de nodige apparaten in elkaar of paste bestaande automaten aan en maakte ze op die manier exclusief.

Onder verschillende namen verrezen er vlak na de oorlog hallen en halletjes in Scheveningen en Zandvoort. Funny Land, Monte Carlo, Sport & Spel. ‘Mijn vader was de eerste, later zijn collega’s, onder andere Hommerson mee gaan doen. Apparaten die door mijn vader werden bedacht en gemaakt zag je ook bij Hommerson.’

In de toenmalige speeltuin en later attractiepark Drievliet werd eveneens een hal neergezet. Met enkel puur amusement. ‘Wij hadden en hebben de overtuiging dat op plaatsen waar kinderen komen geen fruitautomaten moeten staan’, zegt Hogervorst. Wel houdt men zich al jaren bezig met de exploitatie van kansspelautomaten. Eerst met de familie en een paar medewerkers.

Nu runt Hogervorst het bedrijf samen met medewerker Mario Stufkens. De hal in Drievliet is vorig jaar verkocht. ‘Het werd te veel en te druk. En ik word ook een jaartje ouder. Daarbij krijg je straks de hele euro-ombouw. We hebben het al druk genoeg met de exploitatie. Maar ik kan je verzekeren dat het me erg aan het hart ging die hal te verkopen. Behendigheid en amusement, het was voor mij toch altijd iets heel speciaals.’

willem hogervorst mario stufkens
De klassieke apparaten houden een speciale plek in de harten van Mario Stufkens (l) en Pim Hogervorst (r).

Flippers en jukeboxen

‘De vader van de huidige directeur kwam terug uit CuraƧao waar hij bij de Bataafse Petroleum Maatschappij had gewerkt. Als fijnbankwerker was hij uiteraard erg handig. Zo werden de eerste machientjes gemaakt. Maar er kwamen ook apparaten van overzee.’ Zijn vriend Sal Groenteman verscheepte de eerste flippers en muziekkastjes, onder andere van Chicago Coin.

De eerste jukeboxen hadden nog 78 toeren platen. Later werd dat 45 toeren. Mijn vader ging toen in de weer met die tandwieltjes zodat de nieuwe platen in die machine konden. Ja, erg veel selfsupporting dus. ‘Die klassieke apparaten hebben nog steeds een plaatsje in Hogervorst zijn hart, maar ook in zijn bedrijf. Wie de zaak in Leidschendam binnenkomt ziet meteen zo’n ‘ouderwetse’ jukebox van Chicago Coin.

De muziek start en bovenop de jukebox gaat het gordijntje open en verschijnt een jazz-orkest. Het oog wilde immers ook wat. In de werkplaats van Hogervorst zien we nog veel meer van die toppers van toen. De filmkastjes, de eerste gokautomaten, wat eigenlijk al niet.

Amusement voor kinderen

Geen gokautomaten in de hallen dus. ‘Wij hadden hallen op de boulevard, campings en dus in Drievliet. In dat attractiepark zie je nu nog de ezel die chocolade munten poept, Ezeltje Strek je. Die heeft mijn vader gemaakt. Gewoon met hele simpele apparatuur hoor. Een stofzuigermotor blies die dingen eruit.

ezeltje strekje
Nog steeds populair, de ezel die chocolade munten poept.

Later hebben we een airco systeem gemaakt omdat die chocolade ging smelten. De kinderen zijn er nog steeds gek op.’ Mario Stufkens over al die uitvindingen: ‘Je ziet in parken en hallen soms dingen waarvan je weet dat die door Hogervorst zijn bedacht. Nee dat zeggen ze zelf niet, daar zijn ze te bescheiden voor, daarom doe ik dat. Je kunt dan zeggen dat die anderen een idee van je hebben gepikt. Je kunt het ook als compliment oppikken.

Het was zo goed dat anderen het ook zijn gaan doen. Allerlei spelletjes verschenen en gingen weer weg. Al naar gelang de tijdsgeest. Vaak ook in lijn met trends. Televisieseries bijvoorbeeld, Maar dikwijls ook iets wat anderen nog niet hadden.

Pim Hogervorst: ‘In Duitsland zag ik eens dat er op flippers een fotoapparaat stond. Als je dan veel punten scoorde werd er een foto gemaakt, een polaroid. Vonden ze prachtig. Bij de hallen van Hogervorst was er ook altijd prijs. Mario Stufkens: ‘Dat zie je dus lang niet overal. Wij vonden dat je die kinderen dat moest bieden. Ook bij geen prijs kregen ze een penning of bon waarmee ze een snoepje konden krijgen. En ook hier steeds weer: het oog wil ook wat. Vaak ziet zo’n amusementshal in een park er saai uit. Het moet flikkeren en knipperen. Maar dat geldt dus ook voor de prijzenkast. Net als op de kermis moet het een blikvanger zijn.

Kogels in de soep

Een belangrijke rol in het familiebedrijf speelde moeder Hogervorst. Zij maakte bijvoorbeeld de jukeboxen schoon, die zagen er dan weer als nieuw uit. Daarvoor reed ze het hele land door, want we hadden een landelijke exploitatie. Maar daarbij had ze ook altijd de nieuwste platen bij zich die ze moest verwisselen. Ja, dat ging door het hele land hoor, van Anna Palowna tot in Susteren. Hard werken, vaak ook onzekerheid, zeker in de kansspelexploitatie. Maar er werd ook vaak gelachen.

We hadden zo’n schiettent waar mijn vader ook weer van alles bij bedacht had. Steeds net iets anders als die anderen. Maar goed, we hadden een wand achter de schietschijven. Golfplaten moesten die kogeltjes tegen houden. maar uiteindelijk werd dat poreus en schoten die dingen dwars door zo’n golfplaat heen. Kreeg mijn moeder zo’n kogeltje in haar nek of er vloog er eentje in de soep. Is echt gebeurd hoor.

hogervorst en stufkens
Pim Hogervorst en Mario Stufkens.

In 1982 overleed Hogervorst senior. Tot op hoge leeftijd was hij actief gebleven in de zaak. Pim nam nu de leiding over. “Maar ik wist niks van zaken doen. Mijn vader ging de klanten langs, ik hield me bezig met automaten repareren en zo. Maar ja, ik moest er toch aan geloven. En het ging me best wel goed af hoor. Weet je, dat was toch een beetje de tijd van het vertrouwen naar elkaar toe. De klant was een vriend, we hadden klanten die al jarenlang bij ons waren. Dat ging zover dat als een horecagelegenheid werd overgenomen de nieuwe eigenaar moest beloven dat hij ons ook meenam als het ware. Dat is nu anders, veel zakelijker, met contracten.

De tijden veranderen nu eenmaal. En die veranderen op meer vlakken. Mario Stufkens, gevraagd wat hem als grote veranderingen opvallen: ‘De normen en waarden zijn behoorlijk vervaagd. Je schrikt soms als je ziet hoe de jeugd zich tegenwoordig gedraagt. Het vandalisme is toegenomen. Maar ik heb ook gezien hoe kinderen elkaar beroven, prijsjes van elkaar afpakken.

Het ergste vind ik dan nog dat leerkrachten, als het een schoolreisje betreft, er niks van zeggen.” Pim Hogervorst: ‘Wat ik er van heb geleerd is dat we nooit meer automaten namen met losse onderdelen. Ballen, schijven of wat dan ook. Want dat werd meegenomen. Jammer, maar de realiteit is nu eenmaal zo.

Behendigheid op onderste tree

Hogervorst en Stufkens kijken met gemengde gevoelens naar de manier waarop de behendigheid binnen de branche aandacht krijgt. ‘De VAN heeft zich, zeker de laatste jaren, nooit zo veel gelegen gelaten aan de behendigheid. Niet zo vreemd hoor, de kansspelautomaten brengen het geld binnen. Daar profiteren we allemaal van.

En Mario Stufkens zegt: ‘Binnen de hiĆ«rarchie staat de behendigheid op de onderste tree. De groothandel en de amusementscenters hebben het meeste te vertellen. Terwijl de aanzet tot de VAN toch is gegeven door mensen als Hogervorst. Bedrijven die uit de kermissfeer kwamen, uit de behendigheid.

Ook over de nieuwe wet is men gereserveerd. Die heeft veel goeie dingen. Denk alleen maar aan de duidelijkheid die er nu is. Maar de exploitanten zijn er wat bekaaid afgekomen. Dat heeft alles te maken met de manier waarop er naar de gokverslaving wordt gekeken. Dat er naast de kansspelautomaten nog meer aan bieders zijn, vooral ook van de staat, die riskante spelletjes brengen wordt gemakshalve vergeten.

Toch kijken beiden met vertrouwen de toekomst in. We gaan door met de exploitatie, willen het ook nog uitbreiden. Als we exploitatiebedrijven kunnen overnemen staan we daar zeker voor open’, aldus Stufkens. Vertrouwen is er ook in de Nijpels-automaten.

Pim Hogervorst: ‘Dat is ons alles meegevallen, we zagen het in het begin wat somber in. Maar het aanbod dat we hebben gezien ziet er goed uit. Zowel de spelletjes als qua vormgeving. Er zal een teruggang zijn in het begin. maar daarna zal het weer aantrekken. Het blijft altijd de vraag hoe het publiek reageert. Maar dat is altijd zo geweest. Dat is nu met de Nijpels-automaat en dat was vroeger met de spelletjes die we in de hal zetten. En dat is ook weer het leuke van dit vak. Het blijft altijd onvoorspelbaar.

Bronvermelding: Automaten Magazine November 2001